Laatst kreeg ik op Twitter ongevraagd advies. Het ging om iemand die ik niet volgde, maar die af en toe antwoordde op tweets van mij. Ik moet bekennen dat ik vrij vinnig reageerde. Helemaal toen de ongevraagd adviseur, die volgens zijn bio iets met communicatie deed, niet zichzelf, maar “social media” als schuldige aanwees.

Mijn vinnigheid kwam natuurlijk voort uit mijn eigen irritatie, die zo’n ongevraagd advies meestal oproept. Het deed me denken aan de blogs en tweets over het fenomeen van de ongevraagde adviseur, die ik op Twitter af en toe voorbij zie komen. Deze blogs zijn over het algemeen gericht áán de ongevraagd adviseur, waarmee je als blogger natuurlijk op een probleem stuit. Die ongevraagd adviseur gaat namelijk helemaal geen blog lezen over (tegen) het ongevraagd geven van advies. Die ongevraagd adviseur voelt zich na het geven van advies juist heel lekker. Die heeft zijn/haar goede daad van de dag alweer gedaan, karma gekweekt, toegegeven aan zijn/haar helpersbehoefte, of zich heel even superieur gevoeld; die zweeft de rest van de dag op vleugels!

De enige in dit verhaal over wie ik enige controle heb ben ik zelf. Ik ben nog niet zover dat ik die eerste irritatie kan voorkomen, maar inmiddels heb ik wel een manier gevonden om er zo snel mogelijk weer vanaf te zijn. Ik stel mezelf dan een paar vragen. Die heb ik hieronder even op een rijtje gezet.

  1. Wil ik iets met/van die persoon?
    • Nee    – dan hoef ik niets* te doen. Die irritatie gaat wel weg.
    • Ja       – stap van mijn irritatie af en begin een gesprek.

  2.  Wil ik nu iets weten/horen/leren?
    • Nee     – doe niets.
    • Ja        – Zie de “ja” hierboven.

  3. Was ik aan het klagen?
    • Nee     – doe niets, of zie boven, voor de vervolg-ja’s
    • Ja        – shame on me. Klagen is vragen (en meestal vervelend voor de toehoorder), dus dan ook niet zeuren. De persoon wil óf helpen, of van mijn geklaag af zijn. Daar kan ik in komen.

  4. Heb ik hier nu zin in?
    • Nee    – doe niets, dat mag gewoon.
    • Ja       – Yeah, right! Vanwaar die irritatie dan? (Het moge duidelijk zijn dat ik dit niet hardop doe.) (Het moge ook duidelijk zijn dat ik het niet altijd met mijn eigen goede bedoelingen eens ben.) Oké, oké, stap van mijn irritatie af, enz. enz.

Voor mij maakt het trouwens uit om te weten of degene die het advies geeft verstand heeft van het onderwerp. Daar vraag ik dus naar. Zo kreeg ik ooit een compliment over mijn zang, waaraan een advies verbonden werd (Je zingt heel mooi, maar het zou nog mooier klinken als…). Bij navraag bleek de ongevraagd adviseur geen zangpedagoog, geen koordirigent en geen zanger. Het ging dus om zijn smaak, niet om mij. Weg irritatie. Overigens was dit natuurlijk geen compliment. (Grr.)

De leukste reactie die ik ooit hoorde was: “Hee, je hebt er verstand van, hoor ik. Daar moet je wat mee doen, joh. Heb je een blog?” Volkomen passief-aggressief, natuurlijk, maar met een knipoog gebracht en de boodschap (jij wilt graag advies geven, dat mag, maar niet hier) kwam over.

Heb jij nog een andere manier gevonden om om te gaan met ongevraagd advies, dan houd ik me van harte aanbevolen. Ik zou graag zover komen dat ik zelfs die irritatie voor ben. Je kunt hieronder je gevraagde adviezen kwijt.

Herken je dit helemaal niet en heb je nooit die eerste irritatie, dan hoor ik helemaal graag van je! Dan ben ik namelijk benieuwd hoe dat werkt.

*) Onder “niets” versta ik: vriendelijk toeknikken of iets vriendelijks, nietszeggends antwoorden, eventueel luchtig bedanken, maar vooral: er verder geen aandacht aan schenken en het snel weer vergeten. Ook al zou ik iets met het advies kunnen, ik hoef niet altijd overal iets mee.